Terug

Nachrichten.fr · July 14, 2026

Commentaar

De prijs van bloed – hoe snel de taal van de oorlog weer salonfähig wordt

Hij gold als het tegenbeeld van de oude machtspolitici van Europa. Emmanuel Macron – jong, welbespraakt, ontwikkeld, Europees. De president die bruggen wilde bouwen, geen loopgraven. De man die Frankrijk naar de 21e eeuw wilde leiden. En nu spreekt ook hij over de “prijs van bloed”.

Hoe snel woorden veranderen. En met hen de politiek.

Nog maar enkele jaren geleden klonken begrippen als diplomatie, wederzijds begrip en Europese samenwerking als het fundament van de toekomst. Vandaag wordt er weer gesproken over herbewapening, over oorlogseconomie, afschrikking – en nu heel vanzelfsprekend over bloed. Alsof het een nuchtere begrotingspost betrof. Alsof men de term maar vaak genoeg moet herhalen, opdat hij zijn verschrikking verliest.

De prijs van bloed.

Een zin die in geklimatiseerde vergaderzalen verbazingwekkend gemakkelijk over de lippen komt. Daar zitten mensen in maatpakken en bespreken strategieen, terwijl anderen later uniformen dragen en de rekening mogen betalen. Bloed is immers altijd dat van anderen.

Natuurlijk zal meteen worden uitgelegd dat men dit alles verkeerd heeft begrepen. Het gaat immers alleen om afschrikking. Om defensieve paraatheid. Om waarden. Om vrijheid. Om Europa. Dat klinkt nobel. Het klinkt verantwoordelijk. Het klinkt bijna heroisch.

Slechts een ding klinkt het niet: vreedzaam.

Ironisch genoeg luidt elke rechtvaardiging voor meer wapens dat zij de vrede moeten waarborgen. Elk nieuw bewapeningsprogramma dient naar verluidt uitsluitend de de-escalatie. Elke miljardenbegroting is een vredesproject. En wanneer er uiteindelijk wordt gesproken over de “prijs van bloed”, dan natuurlijk eveneens in naam van de vrede.

Onwillekeurig vraagt men zich af: hoeveel vredestoespraken zijn er eigenlijk nog nodig voordat niemand meer merkt dat de woordenschat allang uit de geschiedenisboeken van de voorbije oorlogen stamt?

Europa wilde ooit een continent zijn dat van zijn geschiedenis had geleerd. Vandaag lijkt men vooral te hebben geleerd hoe men oude begrippen in moderne verpakkingen stopt. Herbewapening wordt “veerkracht”. Bewapening wordt “strategische autonomie”. Oorlogsbereidheid wordt “verdediging van waarden”. Marketing kan werkelijk wonderen verrichten.

En Emmanuel Macron? Juist die president, die zich zo vaak als intellectueel presenteerde, grijpt nu naar een taal die eerder aan vervlogen tijdperken doet denken dan aan het Europa van de 21e eeuw. Misschien is dat de werkelijke schok. Niet dat een president zijn land wil verdedigen – dat behoort tot zijn ambt. Maar dat zelfs degenen die ooit voor dialoog stonden, inmiddels woorden kiezen die de noodtoestand normaal doen lijken.

De vrede sterft zelden met een tromgeroffel. Vaak verdwijnt hij zin voor zin.

Wanneer politici over bloed beginnen te spreken, zouden burgers niet moeten applaudisseren. Ze zouden zeer aandachtig moeten luisteren. Want bloed is geen retorisch stijlmiddel. Het heeft namen, gezichten en families.

En wie de prijs ervan bezweert, zou nooit mogen vergeten dat hij die in de meeste gevallen niet zelf betaalt.

Andreas M. Brucker