Over het rustige water van de Dordogne glijden bijzondere boten met een brede romp en platte bodem. Tegenwoordig zitten reizigers aan boord en genieten zij van het landschap. Zo’n twee eeuwen geleden vervoerden deze boten hout, wijn, zout en andere goederen – en hielden zo een belangrijk deel van de regionale economie draaiende.
De gabarres van de Périgord vertellen daarom veel meer dan alleen het verhaal van oude schepen.
Wie aan boord stapt, reist een klein stukje door de tijd.
Toen de Dordogne nog een handelsroute was
Lang voordat spoorlijnen en moderne wegen het land doorkruisten, behoorde de Dordogne tot de belangrijkste verkeersaders van de regio. Eeuwenlang gebruikten de gabariers, de schippers van deze traditionele boten, de rivier om goederen vanuit de Périgord richting Bordeaux te vervoeren.
De platte bodem van de gabarres was uitstekend geschikt voor het soms ondiepe water. Ze werden geladen met hout voor de beroemde kuiperijen van Bordeaux, wijn, walnootolie, kastanjes, truffels, zout en ijzer. Zelfs kanonnen uit de smederijen van de Périgord vonden een plaats aan boord. Op de terugweg bereikten koffie, suiker, specerijen en gezouten kabeljauw de regio.
Een handelsroute op het water.
Met de ontspannen rondvaarten van tegenwoordig had dat echter weinig te maken. Hoogwater, stroomversnellingen, zandbanken en plotseling wisselende waterstanden stelden de schippers zwaar op de proef. Zij moesten elk deel van de rivier kennen.
Dorpen die van de rivier leefden
De handel op de Dordogne drukte zijn stempel op talrijke plaatsen langs de oevers.
In La Roque Gageac, tegenwoordig onderscheiden als een van de mooiste dorpen van Frankrijk, deden in de 18e eeuw jaarlijks tot tweehonderd gabarres de haven aan. Handelaren, vissers en ambachtslieden leefden van het voortdurende komen en gaan van de schepen.
Toen bracht de 19e eeuw de grote ommekeer.
De spoorweg vervoerde goederen sneller en regelmatiger. Bovendien was die niet afhankelijk van de waterstand van de Dordogne. Geleidelijk verdwenen de gabarres uit het dagelijks leven van de mensen. Een tijdperk liep ten einde.
Gelukkig was hun verhaal daarmee nog niet voorbij.
De terugkeer van de gabarres
Sinds de jaren 1980 keerden replica’s van de historische boten terug op de Dordogne. Ze zijn gebaseerd op de traditionele voorbeelden, maar voldoen aan de huidige veiligheidseisen.
En eerlijk gezegd: waar kun je de geschiedenis van deze vallei beter begrijpen dan vanaf het water?
Vanaf de Dordogne gezien toont de Périgord Noir een ander gezicht. Kalkstenen rotsen rijzen indrukwekkend boven de rivier uit, oude dorpen lijken rechtstreeks uit de rotsen te groeien en kastelen tronen als stenen wachters boven het dal.
Vooral het Château de Castelnaud maakt vanuit dit perspectief grote indruk. Tijdens de tocht vertellen de bootvoerders over de gabariers, het leven aan de rivier, het landschap en kleine verhalen die in geen enkele reisgids staan.
Tussendoor neemt de natuur het programma over.
Een blauwe reiger wacht roerloos aan de oever. Met wat geluk schiet een ijsvogel als een blauwe pijl over het water. Hoog boven het dal trekt een zwarte wouw zijn cirkels.
De Périgord eens anders beleven
Juist daarin schuilt vermoedelijk de bijzondere aantrekkingskracht van een tocht met een gabarre: de rivier dwingt haar gasten op aangename wijze tot vertraging.
Waarom eigenlijk altijd van de ene bezienswaardigheid naar de andere haasten?
Tijdens de tocht bepaalt de Dordogne het tempo. Weerspiegelingen dansen op het wateroppervlak, rotsen glijden rustig voorbij en middeleeuwse dorpen tonen aanzichten die vanaf de weg verborgen blijven.
Tegelijkertijd houden de gabarres de herinnering aan een verdwenen wereld levend. De bootvoerders vertellen over navigatietechnieken, gevaarlijke riviertrajecten en het harde dagelijks leven van de mannen wier werk ooit hele families en dorpen onderhield.
Geschiedenis krijgt daardoor plotseling een menselijk gezicht.
Want cultureel erfgoed schuilt niet alleen in kastelen, kerken of middeleeuwse steegjes. Het leeft ook voort in oude beroepen, overgeleverde kennis en verhalen die van generatie op generatie werden doorgegeven.
Tegenwoordig behoren tochten met de gabarres tot de kenmerkende belevenissen van de Périgord Noir. En dat is nauwelijks verrassend.
Gedurende ongeveer een uur schenken ze hun passagiers iets wat tijdens moderne reizen soms verloren gaat: tijd om te kijken.
De Dordogne stroomt rustig voort, achter de bomen verschijnen kastelen en heel even denk je bijna de zwaar beladen boten van voorbije eeuwen op weg naar Bordeaux te zien.
Twee eeuwen zijn verstreken.
De rivier stroomt verder.
M. Legrand