Parijs – 15.07.2026: De Franse Nationale Vergadering zal woensdag definitief beslissen over het wetsvoorstel inzake het recht op hulp bij sterven. Onmiddellijk daarna wil premier Sebastien Lecornu de Constitutionele Raad inschakelen. Deze stap moet de grondwettigheid toetsen van een hervorming die onder strikte voorwaarden medisch begeleide zelfdoding of de toediening van een dodelijke stof mogelijk zou maken.
Afgevaardigde Olivier Falorni, de initiatiefnemer van het wetsvoorstel, verklaarde tegenover Franceinfo dat hij niet vreest voor een afkeuring door de Constitutionele Raad. De procedure was lang en parlementair intensief geweest. De regering motiveert haar beroep daarentegen juist met het ongelijke verloop van de beraadslagingen in beide Kamers: de Nationale Vergadering heeft uitgebreid beraadslaagd, maar de Senaat heeft geen vergelijkbaar grondig onderzoek van de definitieve tekst mogelijk gemaakt.
Concreet moet de Constitutionele Raad verschillende waarborgen onderzoeken. Matignon noemt ten eerste de minimale termijn van twee dagen waarin een patient na de medische beslissing zijn wens moet bevestigen. Ten tweede gaat het om meerderjarige personen die onder juridische bescherming staan en om de vraag hoe hun vrije en geinformeerde toestemming wordt gewaarborgd. Ten derde betreft het onderzoek de gewetensclausule voor medisch personeel en instellingen die hulp bij sterven in beginsel niet willen aanbieden.
Volgens de voorliggende tekst kunnen alleen meerderjarige personen met een ernstige en ongeneeslijke ziekte toegang krijgen, wanneer hun levensverwachting in een gevorderd of terminaal stadium wordt bedreigd en hun lijden niet doeltreffend kan worden verlicht. Louter psychisch lijden geeft geen recht. De behandelend arts moet binnen 15 dagen over het verzoek beslissen; daarna begint de bedenktijd van ten minste twee dagen.
De wetgevingsprocedure heeft de institutionele verdeeldheid duidelijk zichtbaar gemaakt. De afgevaardigden namen de tekst op 30 juni 2026 in nieuwe lezing aan met 295 tegen 232 stemmen. Eerder hadden zij hem al in mei 2025 met 305 tegen 199 stemmen en in februari 2026 met 299 tegen 226 stemmen goedgekeurd. In de overwegend conservatief en centristisch georienteerde Senaat werd het voorstel daarentegen driemaal verworpen.
Op 7 juli 2026 nam de Senaat met 169 tegen 164 stemmen een motie aan die verdere inhoudelijke beraadslaging uitsloot. Daarmee kreeg de Nationale Vergadering na het mislukken van de bemiddelingscommissie op 19 mei het laatste woord. De grondwet staat dit toe bij wetten wanneer beide Kamers geen overeenstemming bereiken.
Het beroep op de Constitutionele Raad verschuift de politieke verantwoordelijkheid niet, maar plaatst wel een grondwettelijke toetsingsinstantie voor de hervorming. Centraal staat daarbij niet de politieke wenselijkheid van de wet. Er moet veeleer worden onderzocht of de wetgever persoonlijke vrijheid, menselijke waardigheid, de bescherming van kwetsbare personen en de gewetensvrijheid van zorgberoepen in een grondwettelijk conforme regeling met elkaar heeft verbonden.
Bronnen
- Franceinfo
- Agence France-Presse
- Assemblee nationale
- Senaat
Dieser Artikel wurde mit Hilfe künstlicher Intelligenz erstellt.