Parijs – 19.07.2026: Drie dagen voor de bioscooprelease plaatst de Franse komedie “De la Comédie-Française” de laatste uren voor een theaterpremière centraal. De 75 minuten durende film van Bertrand Usclat en Martin Darondeau komt op woensdag 22 juli 2026 in Frankrijk in de bioscoop. Centraal staat Nina, die bij de Comédie-Française haar eerste enscenering moet presenteren.
Het verhaal begint drie uur voor de geplande aanvang. Tijdens de laatste repetities raken processen ontregeld: vertragingen, technische problemen, zenuwachtigheid en conflicten tussen betrokkenen zetten de productie onder druk. Nina moet de voorstelling desondanks op de planken brengen. De film benut dit strak afgebakende tijdsbestek voor een komedie over de spanning tussen artistieke ambitie, organisatorische precisie en menselijke ijdelheden.
De regisseurs Usclat en Darondeau werkten ook mee aan het scenario. Verdere bijdragen aan het scenario komen van Pauline Clément en Clémence Dargent. De Franse speelfilm werd geproduceerd door Atelier de Production. Unifrance vermeldt het werk als Franse bioscoopproductie uit 2026 met een speelduur van een uur en 15 minuten.
Voor de reguliere uitbreng staan op zondag 19 juli 2026 meerdere voorpremières gepland in de regio Parijs. In MK2 Nation in het 12e arrondissement is om 20 uur een vertoning aangekondigd met leden van het filmteam en een aansluitende discussie. Andere voorstellingen vinden diezelfde dag onder meer plaats in Le Perreux-sur-Marne, Antony en Cachan.
Tot de cast behoren Pauline Clément als Nina, Laurent Stocker als Philippe en Julien Frison als Antoine. Ook Marina Hands, Adeline d’Hermy, Danièle Lebrun, Christian Hecq, Serge Bagdassarian, Séphora Pondi, Florence Viala en Guillaume Gallienne spelen mee. Daarmee brengt de film talrijke acteurs en actrices samen die verbonden zijn met de Comédie-Française of haar omgeving vormgeven.
Het decor is daarbij niet louter decoratief. De film volgt de weg door repetitieruimtes, gangen, kleedkamers en werkplaatsen van een groot theaterbedrijf. Op de voorgrond staan de werkgebieden die het publiek voor een voorstelling doorgaans niet ziet: grime, kostuums, techniek, publieksontvangst, administratie en toneelregie. De fictieve première wordt zo een aanleiding om het collectieve werk achter het optreden te tonen.
De Comédie-Française, waarvan het ensemble tot de bekendste theaterinstellingen van Frankrijk behoort, wordt in de komedie niet behandeld als een onaantastbaar monument. De film combineert respect voor het theaterbedrijf met een aangescherpte weergave van zijn routines en wrijvingen. Of Nina en de groep de première op tijd kunnen redden, blijft tot de bioscooprelease onderdeel van de vertelde spanning.
Bronnen
- Unifrance
- L’Officiel des spectacles
- Le Melies